Een schitterend protest tegen een zieke toestand!

Geachte lezer,
Onderstaande opinie is van Paul Bouwmeester.
De twee nogal klein uitgevallen kopietjes zijn in werkelijkheid schilderijen, van de wildschilder Hans Bulder.
Paul deed een verzoek om zijn protest op dit blog te plaatsen.
Nou, graag gedaan!

Paul is zelf geen jager, maar overigens van jongs af aan betrokken bij de natuur en het wild. Aan het bekende opinieblog Joop.nl leverde hij eerder vier bijdragen, die elk stortvloedjes aan reacties opleverden.

Lees daarom:
http://www.joop.nl/opinies/bio/auteur/paul_bouwmeester/

En bekijk zijn website JachtArgumenten:
http://www.jachtargumenten.nl/

kp

 

Een schitterend protest tegen een zieke toestand!

Bulder 1

De getalenteerde wildschilder Hans Bulder stelt in dit schilderij op treffende wijze de huidige realiteit in de Oostvaarderplassen aan de kaak. Dit schilderij – zelf noemt hij zijn stijl hedendaags-realistisch – kan men een trieste spotprent noemen, waarin duidelijk de symboliek rond de St.Hubertus-legende is overgenomen.

Hans Bulder, een van de beste kenners van wilde dieren in Nederland, laat geëmotioneerd weten:
“Aan het beeld dat ik geschetst heb op doek is niets overdreven te vinden. Ik ken de Oostvaardersplassen alleen maar zó. Het edelhert probeert nog op zijn voordeligst te poseren maar zijn trots is toch bijna geknakt door zijn uitgemergelde lijf. Zo heb ik er velen zien lopen door de jaren heen. Schofterig gewoon om zulke prachtige dieren op deze manier hun trots af te nemen en ze zo de dood in jagen.”

Deze toestand wordt – met name deze weken –  door Staatssecretaris Dijksma schaamteloos gecontinueerd, met de steun van het grootste deel van onze politiek.  Dit ondanks terzake zeer kundige adviezen van instellingen zoals o.a. de Vereniging Het Edelhert.

De realiteit in de Oostvaarderplassen, kortweg OVP genoemd, is nog steeds niet aan elke Nederlander bekend mede dank zij de mooie, maar sterk gekleurde film De Nieuwe Wildernis.

Waar gaat het om ?
Ons aller Staatsbosbeheer (SBB) heeft ooit besloten in de OVP de natuur haar gang te laten gaan. Bij gebrek aan grote roofdieren betekende dit een explosie van (uitgezette) grote hoefdieren met een volledig kaalgevreten en ontbost gebied als gevolg. Duizenden dieren zijn gecrepeerd van de honger. De laatste jaren grijpt men in door middel van afschot van dieren die het niet gaan halen. Die dus al half verhongerd zijn. Dit noemt men eufemistisch ‘vroeg reactief’ beheer.

Als voorbeeld dienen hier de sterftecijfers van december 2014 t/m maart 2015 (Bron SBB):
Edelhert 782
Heckrund 46
Konikpaard 292
En deze sterfte is hierna nog zeker een maand doorgegaan!

Op de achtergrond van het schilderij zien we als een van de consequenties van het beleid, hoe de kadavers ter destructie worden afgevoerd.

Bulder 2

Hoe heeft dit zover kunnen komen? Dit is gekomen omdat we onder regie van de dierenlobbies het respect voor het dier hebben ingeruild voor sentimenten voor het dier. Omdat we de bescherming van een diersoort hebben ingeruild voor de bescherming van het individuele dier. Dezelfde partijen die zeggen te strijden tegen dierenleed, houden zich ondertussen oorverdovend stil.

Maar het gaat nog verder.
In plaats van een sanering van de OVP wil men nu het aangrenzende Hollandse Hout openstellen voor deze overmaat aan hoefdieren, met als gevolg een verder explosie van aantallen en de vernietiging van het Hollandse Hout.

In de Amsterdamse Waterleidingduinen is een vergelijkbare vernietiging aan de gang door de onwil van de gemeenteraad om de populatie damherten binnen de perken te houden.
En zo zijn er meer vergelijkbare processen aan de gang, waarvan de gevolgen echter wat moeilijker waar te nemen zijn.

 Wat moet er gebeuren? De enige oplossing is dat SBB als verantwoordelijke voor deze misstand de populatie edelherten terugbrengt tot een fractie van het huidige aantal en ze daarop handhaaft door middel van fatsoenlijk beheer. Hetzelfde voor de zg. wilde paarden en heckrunderen, of misschien is het beter dit huisvee volledig te verwijderen. Binnen enkele jaren kan het gebied dan weer het prachtige natuurgebied worden, dat het ooit was. Een paar paden erdoor voor de echte natuurliefhebber (alleen wandelen) en voilá!

Maar elke praktische oplossing zal de emoties in ons land hoog doen oplopen – en dat is precies waar de politiek bang voor is.

Paul Bouwmeester, april 2015

 

 

Stichting Duinbehoud, Vogelwerkgroep Zuid-Kennemerland, KNNV Haarlem, het IVN: welke club komt nog op voor het natuurbehoud?

 

aantal_damherten_28_04_639x382 awd

De rijke natuur van de Amsterdamse waterleidingduinen dreigt te bezwijken onder tal en last van de toenemende populatie Damherten. Onderzoeken tonen aan dat de biodiversiteit ernstig achtergaat en de conclusie van het laatste rapport Parels van de Duinen 2014,  vorig jaar september verschenen, luidde dan ook: begin op korte termijn met de aantalsreductie van de Damherten!

De oplettende natuurliefhebber die het gebied regelmatig bezoekt zal de veranderingen al langer zijn opgevallen. De wandelaar zag een verbazingwekkende verarming van de ondergroei in de bossen. De duinbossen worden hol, en de kaarsrechte vraatlijn op borsthoogte is zelfs niet meer te zien doordat ook de jongere bomen worden geschild en doodgaan, met de onderste takken die die vraatlijn aangaven.

’Bloemrijke graslanden zijn volledig kaalgevreten’’, liet hoofd Bronnen en Natuur Eduard Cousin op 5 september 2013 weten in een Amsterdamse commissievergadering.
Overigens pas nadat de toenmalige wethouder Carolien Gehrels  (PvdA) door de CDA-er Diederik Boomsma onder druk werd gezet om eens eindelijk voor de dag te komen met de reeds verkregen cijfers en om verdergaand onderzoek te plegen.

Ook kon je met eigen ogen zien, dat de kruidenrijke graslanden steeds meer veranderden in een kort geschoren grasmat. De aparte duinnatuur verandert in een hertenkamp.

foto 37-2 copy
De gaaskooi even opgelicht om te laten zien dat kruidengroei zonder bambie mogelijk is.

Wat deed de beheerder in het verleden fout dat het zover mocht komen? Nu ja, ambtelijke laksheid, desinteresse en vooral niet luisteren naar die paar ecologen die ooit in dienst waren genomen om duurzaam wetenschappelijk advies te geven.

Maar waarom houden de volgende ‘maatschappelijke organisaties’ die zich op het terrein van het natuurbehoud bewegen zich zo angstvallig op de vlakte: de KNNV- afdeling Haarlem & omgeving, het IVN Nederland en de Vogelwerkgroep Zuid-Kennemerland?
De stichting Duinbehoud sprak zich wel uit, maar bagatelliseert de hertenschade.

Het cynisme ten aanzien van het natuurbeheer heeft mpgelijk te maken met de bambificatie van de maatschappij. Het dier mag geen haar worden gekrenkt. Diersentimentaliteit zit een nuchtere beoordeling van de ecologische staat waarin onze natuurterreinen verkeren danig in de weg.

Natuurbeheer is een heus vak en wordt zelfs op universitair niveau onderwezen. Daarom moet men wantrouwig staan tegenover lieden die zo stellig weten hoe een natuurgebied beheerd moet worden. Vooral de mensen van de Partij voor de Dieren munten uit in een roeptoeterij waar een ezel in nog geen eeuwen tegen opbalkt.

Bij de dierenbeschermer staat het dier hoog aangeschreven
Het dier is al bijna verheven boven de menselijke existentie.  Heiligdommen gewijd aan dieren stonden tot nu toe alleen in India en Bhutan. Het zal niet lang duren of ze worden ook in ons  voormalig calvinistische landje plechtig geopend.

Het besef dat eerst het plantenleven dierenleven mogelijk maakt en niet andersom, speelt voor de dierenbeschermer geen grote rol, behalve bij het natuurbeheer.  Daar, zeggen ze, stelt het voedselaanbod grenzen aan de grazende dieren.
De hoofdrol is onder meer natuurlijke omstandigheden echter weggelegd voor de roofdieren. Maar dat deze het zijn die de hertenpopulaties intomen en niet de voorraad voedsel, wordt steevast ontkend. Anders zou dat tot jacht noodzaken, wil je althans de natuurlijke vegetatiestructuren zoveel mogelijk recht doen die passen bij een natuurlijke matige stand van herbivoren .
En als er één taboe is, is het de jacht.

Zo beweerde Johnas van Lammeren van de PvdD in de Amsterdamse raad dat prooidieren de aantallen predatoren bepalen. Een leugentje voor bestwil, het gaat werkelijk niet op voor de bambies in de Amsterdamse waterleidingduinen, wanneer we tenminste weer een natuurlijke situatie met natuurlijke predatoren onder ogen zien; dan was er geen sprake van een bijna kaal gegeten gebied.

Maar het laatste waar de dierenbescherming zich mee bezig wil houden is het behoud van vegetatietypen, zoals de landelijk vrij unieke wilde ligusterstruwelen. Die worden door vraat ernstig in hun voortbestaan bedreigd, lees het rapport ‘Parels van de Duinen 2014′.

Wat is nou het belang van struwelen en die paar vlindertje die daar nectar zoeken!
Het gaat verdorie om het doden van weerloze dieren!
Wat een prachtige vacht!
Ontroerende ogen en kijk die mooie geweien!
-merkt de diersentimentalist verontwaardigd op.

Blinde geloofsijver staat het de dierenbescherming in de weg om nog langer een goed woordje te doen voor het natuurbeheer.

De duinen raken vergeven van de sullige hertjes. Wat natuurlijk is dit toch, roepen alle natuurorganisaties uit.
De duinen raken vergeven van de sullige hertjes. Wat natuurlijk is dit toch, roepen alle natuurorganisaties verblind uit.

Ik vrees dat de bambificatie bij genoemde organisaties al zover is voortgeschreden dat het hun niet mogelijk is om het natuurbehoud nog langer te steunen, men niet langer de werkzaamheden van de beheerder beoordeeld naar wat goed of slecht is voor een verantwoord natuurbeheer.

Zo kwam de Vogelwerkgroep Zuid-Kennemerland, VWZK, ertoe een petitie te laten tekenen die de stichting Faunabescherming organiseerde tegen het afschieten van damherten in de AWD (door 1984 mensen ondertekend, -eerlijk gezegd is dat weinig).
De oproep om te tekenen staat niet meer op hun website, maar dat kan te maken hebben met de einddatum die voor die petitie is verstreken.
Op de VWZK-website vind je helemaal geen standpuntbepaling. Wat treurig stemt: men laat de AWD aan zijn lot over.
Over de teruggang van de zangvogels die in het duinstruweel zo welig broedden is mij van de Vogelwerkgroep geen inventarisatie bekend. VWZK-ers hebben kennelijk geen behoefte op te komen voor de Nachtegaal, als daarmee de zaak van het Damhert gevaar loopt.  Dan verdwijnen de struwelen van Ligusters, Kruipwilgen, Kardinaalsmutsen, Vlieren, Lijsterbessen, Gelderse rozen, allerlei klimrozensoorten, en Inheemse vogelkersen maar. Wij zijn geen Struikwerkgroep.

De stichting Duinbehoud beweert op zijn website dat ‘er geen overtuigend bewijs is voor ecologische schade aan het duingebied als gevolg van begrazing door damherten’.
Die schade is er zeker voor het duinbos. Zo kwam het OBN-deskundigenteam in zijn rapportage in mei 2013 tot de gevolgtrekking dat al vele jaren daarvoor schade aan de struiklaag was aangericht, gezien de afwezigheid van dood hout. Dat aangevroten struikhout was na al die jaren vergaan, terwijl in de exclosures, de met gaas afgescheiden proefvakken, de struiken volop groeiden.

In het blad DUIN, orgaan van de stichting Duinbehoud, waren ecologen in het septembernummer van 2000 reeds van mening dat er niet veel heil te verwachten viel van de damherten, ze schreven:
’Gezien het feit dat de ruigere grassen bovendien weinig voorkomen in het dieet , is er nauwelijks een terugdringend effect te verwachten op het proces van vergrassing. Op enkele sterk geprefereerde soorten zoals Wilde kardinaalsmuts, Meidoorn en (jonge) Zomereik zal de invloed echter wel groot zijn! Dit zijn soorten die nu in zekere mate beeldbepalend zijn voor de AWD en de kalkrijke duinen in het algemeen.”

De Kardinaalsmuts is nu door het bast schillen over grote oppervlakten bijna verdwenen en elke jong opkomend kiemplantje  wordt (zolang de zaadvoorraad strekt!) opgepeuzeld. De sterke aantasting van de Liguster had men destijds niet voorzien, evenals een rits andere soorten.
Tegen de verruiging van het duin -door Duinriet en Zandzegge- moet men evengoed nog steeds schapen en runderen inzetten.

En welke voortschrijdend inzicht nemen we sinds 2000 waar bij de stichting Duinbehoud, eens vermaard om zijn kritische houding? Arnoud van der Meulen schrijft in DUIN, juli 2011:
‘’Duinbehoud heeft grote bezwaren tegen populatiebeheer. In natuurgebieden moeten natuurlijke processen zoveel mogelijk de vrije hand krijgen.’’

Beter bewijs dat deze natuurvereniging bemand is door goedwillende amateurs is er niet. In een natuurlijk Europa kom je uit op zeer lage dichtheden van herten. Wolven, Lynxen maar misschien nog meer Bruine beren, hielden ––en wanneer we opnieuw natuurlijkheid nastreven óf biodiversiteit: hóuden— de aantallen hertachtigen zeer laag.  Omvangrijke literatuur toont dit ten overvloede aan.
Mogelijk een paar herten per honderd hectare, en dan geldt voor de hele AWD: 140 Damherten.

Dat is ook wat deskundigen van Vereniging het Edelhert de duinbeheerders aanbevelen. Vier Damherten per 100 ha. Echt natuurbehoud treffen we dus aan bij een aan ‘n jagersgilde gelieerd wetenschappelijk instituut. En nergens anders.

Op het moment van schrijven staat op de website van Duinbehoud de roep te lezen om méér onderzoek naar de hertenschade.
Verzoeken om meer onderzoek tref je aan bij organisaties die uitstel van hen niet welgevallige ontwikkelingen wensen, ook al mag de stapel reeds gedane onderzoeken zo hoog zijn geworden dat omvallen dreigt.

Met alle hun slechte aanbevelingen, zoals het tekenen van een petitie die de ondergang van belangrijke natuurwaarden in de AWD alleen maar naderbij brengt en het verwrongen idee van het begrip ‘natuurlijkheid’, bevorderen die natuurclubs bepaald niet het besef van een verantwoord natuurbehoud en natuurbeheer. En wat een beroerde natuureducatie voert hetInstituut voor Natuurbeschermingseducatie, IVN.

Steunt u dus voortaan van harte Stichting Herstel Inheems Duin, HID. We hebben uw steun hard nodig om een eventueel juridische actie te ondernemen tegen natuurbeheerders die aarzelen om aan redelijke aantalsregulatie te doen. kp

Allerlei rapporten, waaronder ‘Parels van de Duinen 2014′, zie downloads onder:
https://www.waternet.nl/projecten/dossier-damherten/actueel/actueel/actief-beheer-damherten/

Stichting Duinbehoud:
http://duinbehoud.nl/nieuws/standpunt-actief-beheer-damhertenpopulatie/

 

 

Waarom eiken omzagen en niet geringd?

DSC_0399
Het eikebosje aan de Pannelanderweg. Is het hout soms bestemd voor de bouw van hutten. In een beschermd natuurmonument?

 

     Wat bezielt een natuurbeheerder om midden in een bos bomen te gaan zagen? Dit bos, een eikenbos in de Amsterdamse Waterleidingduinen -zie de foto’s- is immers geen productiebos, het is een op en top beschermd natuurbos!
Nu ja, dat moet het althans voorstellen. De beheerder zou de natuurlijke processen er voorrang moeten geven, eerder dan ze af te breken.

De Zomereiken staan hier vermoedelijk op arme zandgrond, sommige bomen ogen nogal spichtig. Misschien was dát de reden voor het AWD-beheer om enkele bomen te vellen: was men beducht dat het bos zou afsterven als er niet gauw gedund zou worden. In elk geval is het een geëigende methode: dunnen –het hier en daar weghalen van bomen om de overblijvers zowel ondergronds meer wortelruimte te verschaffen als bovengronds meer lucht te geven.
Zodat de boom wat in de breedte kan uitgroeien, een vollere kroon krijgt. Meer bladeren betekent meer fotosynthese, dus meer assimilaten, suikers die voor de wortels beschikbaar komen. Deze kunnen meer werk aan, water en zouten omhoog pompen. Kortom de boom vaart er wel bij.

DSC_0398

Natuurlijk dunt een bos zichzelf uit als je niets doet. Dat zag je de laatste jaren ook in dit eikenbosje aan de Pannelanderweg. Maar als de beheerder het nodig vond om de zelfdunning een handje te helpen, dan was er wel een ander manier om de gewenste bomen te laten afsterven.

Namelijk door ze te ringen, dat wil zeggen een reep uit de bast rondom de stam te zagen of te hakken. De boom sterft af, want de suikers bereiken de wortels niet meer.
Een staande dode boom is goed voor organismen die een specifiek belang hebben bij verterend hout dat zich boven de grond verheft. Bepaalde zwammen of insecten. En spechten die er graag holten in uithakken.

Waarom zijn dus die bomen omgezaagd in plaats van geringd?
Liggend dood hout komt gelukkig vrij veel voor, aan staand dood hout is eerder gebrek.

Tweede klacht: waarom werden die omgezaagde bomen in mootjes gehakt, zoals is gebeurd? Het is beter dat de omgevallen boom een constant vochtgehalte bevat; en korte stammen drogen eerder uit, aan de kopse kant. Dat doorzagen in stukken slaat nergens op. Bovendien bestaat het gevaar dat vaders met zonen de hanteerbare stammen wegslepen om verder aan de hut te bouwen.

DSC_0396 In mootjs gezaagd Eikebos panneland. Van 0396 tot 0403 panneland

Of was dat soms de bedoeling? In elk geval komt het liggend hout bij de hut overeind te staan, dat is dan nog een voordeel. Bij die hutten steken dikke takken en stammen schuin rechtop. Een zeer grote hut zie je even aan de overkant van het eikenbos op een open veld, dat is een voormalige akker, zie de eerste foto.  Die hut staat evenwel in de volle zon, en dat is dan weer een nadeel voor het dode hout, dat aan uitdroging blootstaat.

Overal zie je de laatste jaren dergelijke hutten in de beschermde duinbossen verschijnen. De grond er omheen is kaalgelopen. Wat blijft er nog over van een natuurlijk bosaanzicht? Ja, en in hoeverre worden de natuurbeschermingsregels geschonden?

Je kan kinderen beter laten aanrommelen in de bossen en bosjes van de gemeentelijke plantsoenendiensten. Dat is dichter bij huis en altijd bereikbaar. Niet alleen op zondag als Pa een uurtje vrijmaakt om de duinen te bezoeken. kp

 

 

 

 

Protestpraatje voor raadscommissie: de dooie bomenkap praten ze goed

 

De beheerder van de AW duinen kapte opzettelijk honderden dode bomen om. Dan stort een dergelijke met mos en korstmos begroeide tak ter aarde (en wordt daar vertrapt door een legioen bambies).
De beheerder van de AW duinen zaagde deze winter opzettelijk honderden dode bomen om. Dan stort ook ‘n dergelijk met mos en korstmos begroeide takje ter aarde (om te worden vertrapt door een legioen bambies).

 

Geachte lezer,
Vanmiddag las ik weer een verhaaltje voor ten overstaan van de raadscie. Financiën, die heerst over het Natura 2000-gebied, de Amsterdamse Waterleidingduinen.
Na afloop van mijn kritisch commentaar vroeg de voorzitter of een van de commissieleden nog vragen had.
Geen vragen!

Ik had overigens over hetzelfde onderwerp op 12 April een wat uitvoeriger email verstuurd aan alle 45 raadsleden.
Geen enkele reactie!

Wie vindt dat ik ongelijk heb met mijn stelling dat het beheer van dit natuurgebied onder geen beding geleid mag worden door een politiek orgaan als de Amsterdamse gemeenteraad gezien zijn volslagen desinteresse in het beheer, hij of zij melde zich en vertelt mij eens waarom het niet zo is. Lijkt me sterk dat de raadsleden afgesproken hebben om hun geheime liefde voor de natuur niet met mij te delen.

Inspreken, commissie Financiën, stadhuis Amsterdam, 19 April 2015 Onderwerp: Beheer Amsterdamse Waterleidingduinen

Hoelang gaan we door met het kappen van bomen in een beschermd natuurmonument?

Geachte raadsleden,
Naar aanleiding van klachten over het omzagen van dode prunusbomen in de Amsterdamse Waterleidingduinen verscheen d.d. 26 maart een brief van wethouder Kock, -hij schrijft: ‘’Aan uitheemse houtsoorten zoals Amerikaanse vogelkers (prunus ook wel bospest genaamd) zijn relatief weinig organismen gebonden.’’
Dit klinkt, voorzitter, als een vergoelijking, om toch maar te kappen.

Om een idee te geven. Dode prunus bindt 59, de Gewone esdoorn 151 niet-soort specifieke kevers. Zó weinig insecten telt de prunus niet maar wel zó weinig dode houtmassa is aanwezig, dat elke dode stam het waard is gered te worden. En dan nog een citaat uit een leerboek: “De meeste houtpaddenstoelen leven van dood hout (saprofyten).’’ (2-blz. 429).

Verder schrijft de wethouder: ‘’De woekerende prunus wordt ook bestreden om de oorspronkelijke duinbegroeiing te herstellen. Waternet streeft er bij de bestrijding van prunus naar de bodem te verschralen door de prunusbomen na het vellen te verwijderen en daarmee tevens de kans op terugkeer van de prunus te verminderen.’’
Jawel, verwijderen is goed waar ‘t het herstel van duingraslanden betreft. Die zijn gebaat bij een schrale bodem.
Maar wethouder, het ging over duinbos!
En dan mogen bomen het bos niet uit! Uit een leerboek: ‘’Als er actief dood hout gecreëerd wordt in bossen waar meer natuurwaarden gewenst zijn, dan ligt het ringen van exoten voor de hand (win-winsituatie)’’ (3-blz. 117).

De heer Cousin, hoofd Natuurbeheer, schreef mij in een brief: ‘’Bij de werkzaamheden rondom de Oranjekom zijn iets meer bomen weggehaald dan eigenlijk de bedoeling was [..].’’
Integendeel, de mééste dode prunusbomen zijn er omgezaagd. Iets meer, schrijft hij, -het is minachting voor de specht en voor de waarheid. In het Haarlems Dagblad sprak André Immerzeel, collega-natuurbeheerder de woorden: ‘’Het oog wil ook wat. Een bos vol geringde bomen ziet er niet uit.’’
Dat ‘iets meer’ moet zijn ‘bijna alles’. En het is bewust toegebrachte natuurschade!

Tevens is het staand beleid om levende bomen om te zagen en af te voeren. Weer een citaat: ‘’De oogst van hout zorgt eveneens voor het verwijderen van nutriënten uit het ecosysteem.’’ […] Maar op zure, nutriëntenarme bodems kan bodemverzuring worden versneld door het wegnemen van een groot deel van de door de vegetatie opgenomen basische kationen.’’ (2-blz. 414).
Nu staat ons bos op zandgrond. Raadsleden, die levende bomen mogen het bos helemaal niet uit! Kappen en afvoeren in plaats van ringen en laten staan betekent niet win-win maar verlies-verlies!

Waar wethouder Kock stelt: ‘’Daar waar vallend dood hout risico’s voor de bezoekers kan opleveren wordt dood hout verwijderd’’, betekent dat een overtreding van de Nbwet. Immers, er is een fijn weefsel van wandelpaden in de AWD. Als je alle dode bomen voor de veiligheid vanaf zeg 15 meter van de berm af omhaalt, kan wel 40 procent bos zich niet integraal natuurlijk ontwikkelen.

Bomen moet je niet afvoeren, hooguit ringen en laten staan. De leiding over de AWD heeft laten weten geen sjoeche te hebben van de natuurbehoudsregels en volhardt in natuurvernieling. Raadsleden doe er wat aan!!

voor Stichting Herstel Inheems Duin,
K. Piël,
Amsterdam ZuidOost

Literatuur:
(1) Amerikaanse vogelkers -van bospest tot bosboom. Door Bart Nyssen et al. Zeist, 1013
(2) Bosecologie en bosbeheer. Door Jan den Ouden, Bart Muys, Frits Mohren en Kris Verheyen (red.), Den Haag/Leuven, 2e druk 2011
(3) Bosbeheer en biodiversiteit –natuurbehoud, biodiversiteit als beheerdoel, praktisch bosbeheer. Door Patrick Jansen en Mark van Benthem, Utrecht 2008.

 

 

Er is maar ‘iets meer’ schade dan u denkt, suffe burger.

 

Udo Kock (D66), econoom, voert tegenwoordig bij gebrek aan biologen de ecologie aan in de Amsterdamse Waterleidingduinen.
Udo Kock (D66), economisch rekenmeester, voert tegenwoordig, kennelijk door gebrek aan biologen, het natuurbeheer en de  ecologie aan in de Amsterdamse Waterleidingduinen.

 

Hoelang nog duurt de misleidende informatie om de kap van honderden bomen in een natuurbos te verdoezelen ?

Naar aanleiding van klachten over het omzagen van een reeks dode bomen in het Bos van Oase in de Amsterdamse Waterleidingduinen en de vragen die rezen in de raadscommissie Financiën, verscheen d.d. 26 maart een brief van wethouder Kock.
Ondergetekende ontving voorts een antwoord van hoofd natuurbeheer van de Amsterdamse Waterleidingduinen, de heer Ed Cousin uit Vogelenzang. Op beide brieven is stevige kritiek mogelijk die ik de lezer niet wil onthouden.

De wethouder schrijft:
‘’Aan uitheemse houtsoorten zoals Amerikaanse vogelkers (prunus ook wel bospest genaamd) zijn relatief weinig organismen gebonden.’’.

Het boek ‘Amerikaanse vogelkers’ (1) noemt 92 soorten geleedpotigen die als afbraakorganismen op de uitheemse prunus dienst doen; dit betreft vermoedelijk niet-soort specifieke organismen. De verterende Amerikaanse vogelkers bindt o.a. 59 keversoorten,de eik liefst 490 soorten, en de Gewone esdoorn 151 niet-soort specifieke kevers. Dat laatste getal komt aardig in de buurt van de 92 soorten van de Am. vogelkers: (Bosecologie en bosbeheer (2), blz. 432).

Enige relativering van de aan dood hout gebonden geleedpotigen is dus weliswaar op zijn plaats, maar dat neemt niet weg dat er in onze bossen nog zó weinig dood houtmassa te vinden is, dat elke dode stam die gered wordt mooi is meegenomen. Terecht twittert @beheerAWD op 29 november jl. dan ook: ‘’uiteraard streven wij naar veel staand dood hout’’. Maar houden zij zich eraan?

Naast insecten is dood hout ook van groot belang voor zwammen. “De meeste houtpaddenstoelen leven van dood hout (saprofyten).’’
(2, blz. 429).

Het boek ‘Amerikaanse vogelkers’ toont een foto van een dode Amerikaanse prunusstam met spechtengat. Vogels zoeken op staand dood hout zowel nestgelegenheid als voedsel. Dat dergelijke bomen door de beheerder deze winter bij honderden tegelijk werden omgezaagd, is daarom godgeklaagd.

Door toevallige coalitievorming is een financiële rekenmeester, Udo Kock, tevens de politieke bovenmeester van het natuurbeheer geworden. Zo zit dat in Nederland. De wethouder schrijft:

‘’De woekerende prunus wordt ook bestreden om de oorspronkelijke duinbegroeiing te herstellen. Waternet streeft er bij de bestrijding van prunus naar de bodem te verschralen door de prunusbomen na het vellen te verwijderen en daarmee tevens de kans op terugkeer van de prunus te verminderen.’’

Dit klopt helemaal waar het de restauratie van de duingraslanden betreft. Die zijn gebaat bij een meer schrale bodem. Maar wethouder, om u bij de les te houden: het ging over het duinbos, en nergens anders over!

De ring is even boven het zaagvlak zichtbaar. Dit omkappen van een spechtenboom is gewoon onzorgvuldig bosbeheer. De wethouder zegt echter: 'we beheren zorgvuldig'
De ring is even boven het zaagvlak zichtbaar. Dit omkappen van een spechtenboom is gewoon onzorgvuldig bosbeheer. De wethouder zegt echter: ‘we beheren zorgvuldig’

Over niet geringe oppervlakten bos worden in de AWD levende bomen geveld en uit het bos gesleept. Waarschijnlijk verdwijnen die in de kachel van de medewerkers of de vrijwilligers. Door het verwijderen van die stammen onttrek je de noodzakelijke voedingstoffen aan het bos. In het leerboek ‘Bosecologie en bosbeheer’ staat:

‘’De oogst van hout zorgt eveneens voor het verwijderen van nutriënten uit het ecosysteem.’’ […] Maar op zure, nutriëntenarme bodems kan bodemverzuring worden versneld door het wegnemen van een groot deel van de door de vegetatie opgenomen basische kationen.’’ (2, blz. 414).

De bodem van het Bos van Oase is tenminste oppervlakkig verzuurd, zoals dat op zandgronden vaak het geval is. Die bomen hadden het bos niet uit gemogen! Ze hadden trouwens geringd dienen te worden teneinde over meer staand dood hout te beschikken. Derhalve dubbel gemiste kans. Eens te meer blijkt dat de wethouder ecologisch niet alles op een rijtje heeft staan. Het is dan ook een ramp dat het beheer van een Natura 2000-gebied door onvoldoende vakkennis wordt begeleid. Het natuurbeheer valt zeer ten onrechte in handen van een econoom en niet van een ecoloog, waar dat van nature toch zo thuishoort.

Kock schrijft: ‘’Daar waar vallend dood hout risico’s voor de bezoekers kan opleveren wordt dood hout verwijderd.’’

Commentaar: Er lopen vele (drukke) wandelpaden door de AW-duinbossen, waardoor een substantieel deel zich momenteel niet op geheel natuurlijke wijze kan ontwikkelen en waarmee niet wordt voldaan aan het behalen van de wettelijk vereiste ‘gunstige staat van instandhouding’.

Daar komt nu bij: een staande dode boom zal eens omvallen, die heeft de kans in de richting van het wandelpad om te vallen. Laten we zeggen bomen die tot 15 meter in het bos staan. Mogelijk resteert 60 procent van het AWD-bos dat zich op natuurlijke mag ontwikkelen indien de beheerder veiligheidshalve besluit in deze strook alle dode bomen te vellen.  Dan wordt weer niet voldaan aan de status van wettelijk beschermd natuurmonument, waarvan de aanwijzing uit 1996 vigerend is.

Logisch is, om bij storm de bossen af te sluiten voor het publiek. Overigens zou je de paden tijdelijk moeten afsluiten als er teveel dode bomen langs komen te staan. Het betreffende bosdeel is dan qua rust wat groter, en dat is voor de natuur in haar geheel alleen maar goed.
Voor de rest der gevallen tekent het publiek maar zijn eigen doodvonnis, een natuurreservaat is er niet om de recreërende mensheid van de ondergang te redden. De kans echter dat een boomstam die wel 15 jaar overeind staat net omvalt op het moment dat je erlangs loopt is 5 seconden op 15 jaar. Je wint in dit geval, heb ik berekend wethouder, eerder 15 miljoen in de Staatsloterij.

De brief van de wethouder vindt u hier: http://zoeken.amsterdam.raadsinformatie.nl/cgi-bin/showdoc.cgi/action=view/id=234398/type=pdf/Brief_wethouder_Kock_d.d._26_maart_2015.pdf

De brief d.d. 18 maart die de heer Cousin mij stuurde bevestigt de grote rol die staand en liggend dood hout in het bosecosysteem vervult. Maar hij stapt deerlijk mis waar hij beweert:

‘’Bij de werkzaamheden rondom de Oranjekom zijn iets meer bomen weggehaald dan eigenlijk de bedoeling was maar daarmee is geen sprake van gewijzigde inzichten m.b.t. de waarde van dood hout.’’

Herhaalde bezoeken in het bos geven elke keer opnieuw het beeld te zien van honderden omgezaagde, enige jaren geleden geringde en afgestorven prunusbomen. Minachting voor de specht en minachting voor de waarheid. ‘Iets meer’? Dat is ver bezijden de waarheid, mijnheer Cousin.

De heer Ed Cousin, sinds jaar en dag hopfd natuurbeheer van de AWD
De heer Ed Cousin, hier in zijn jongere jaren, sinds jaar en dag hoofd natuurbeheer van de AWD

Ik geloof niet in een ongeluk. In het Haarlems Dagblad van 11 maart 2011 sprak de heer Immerzeel, collega-beheerder,  zijn weerzin uit over de vele geringde bomen. En sommige bomen waren blauw gemarkeerd. Waarom was dat? Hoe wil men dit verklaren?
De onverkwikkelijke natuuraffaire bracht tot op heden niet aan het licht a. wié de bomen heeft omgezaagd en b. wié daartoe de opdracht gaf.
Wellicht is er een raadslid bereid om opheldering te verschaffen, door even door te vragen? We dringen  hier sterk op aan, immers zolang het niet verrot is moet het onderste hout boven komen drijven.

Tot slot. Wist Amsterdam ervan dat boswachter Heeremans dwars door dit relatief nóg grootste en meest stille duinbos van de AWD een privépad naar zijn woning heeft aangelegd? Alle takken en boomstammen zijn opzij geschoven. Bewaar toch de stilte in dit vrij unieke bos! Geef geen gelegenheid tot recreatiedrukte, zo gevaarlijk dichtbij de ingang!

Opperboswachter Kock en subaltern hoofdboswachter de heer Cousin overtraden de Beheervisie AWD 2011-2022. In de visie staat niets vermeld over het openen van een nieuw bospad. De bossen elders in het duingebied zijn al vergeven van de paden, de natuur begint zo steeds meer te lijken op het Vondelpark.

God, geef de duinen een beheerder die behoedzaam met de natuur omspringt. Raad, zet die mannetjes die knoeien eens op hun plaats.

voor Stichting Herstel Inheems Duin,
K. Piël

Literatuur:
(1) Amerikaanse vogelkers -van bospest tot bosboom. Door Bart Nyssen et al. Zeist, 1013, 160 blz.
(2) Bosecologie en bosbeheer. Door Jan den Ouden, Bart Muys, Frits Mohren en Kris Verheyen (red.), Den Haag/Leuven, 2e druk 2011, 674 blz.
(3) Bosbeheer en biodiversiteit –natuurbehoud, biodiversiteit als beheerdoel, praktisch bosbeheer. Door Patrick Jansen en Mark van Benthem, Utrecht 2008, 214 blz.

Eerdere delen in deze vervolgserie van ‘t dode bomenbos zijn te vinden in  ‘berichten’ van 7 februari , 12 februari, 5 maart en 5 april.

 

Een paar geringde bomen mogen blijven staan, maar Damherten vreten alles kaal.

 

Links in de tuin (achter het raster) forse groeie en bloei van voorjaarsplanten. In de AWD rewchts komt geen peenkruid meer tot ontwikkeling. door de hertenvraat.
Links in de tuin (achter het raster) forse groei en bloei van voorjaarsplanten. In de AWD rechts komt zelfs geen Speenkruid meer tot ontwikkeling. Hertenvraat!

 

Het beloofde in de middag mooi weer te worden en daarom besloot ik gisteren inspectie te houden langs de noordoostgrens van de Waterleidingduinen. Wilde kijken of de in februari gefotografeerde geringde prunusbomen er nog stonden (zie voor de foto’s en het verhaal, het ‘bericht’ van 12 februari).

Gelukkig, ze stonden er nog! Althans de bomen die niet heel lang geleden waren geringd Hier zie je zo’n stukje bos:

DSC_0149 AWD 4 4 15
Bijna dezelfde foto als die in het bericht van 12 februari. Dit dode bomen-reservaatje houd ik nauwlettend in de gaten. Gisteren geschoten.

Op hun twitteraccount @beheerAWD beloven de beheerders braafjes: ‘’uiteraard streven wij naar veel dood hout’’, -in de praktijk blijkt juist dat de heren hun eigen voornemen, -dat overigens niet meer is dan een normale bereidheid uitvoering te geven aan de vereisten van de Nbwet-, met een korreltje zout nemen.

En dan nu een niet eerder vertoonde foto uit het Bos van Oase, het duinbos dat vlak bij de gelijknamige ingang te vinden is, ten oosten van de Oranjekom . Alle ringbomen van de prunus werden door de ‘natuurbeheerder’ omgezaagd, het zijn er honderden.

DSC_0210
Dit is een van de honderden gevelde prunusbomen in het Bos van Oase. De ring is nog goed zien, net even boven het zaagvlak. De boom zal mogelijk in 2011 zijn doodgegaan.

De heer E.F.H.M. Cousin, Hoofd Bronnen- en Natuurbeheer, schreef mij op 18 maart jongstleden een brief. Hij schrijft:
”Bij de werkzaamheden rondom de Oranjekom zijn iets meer bomen weggehaald dan eigenlijk de bedoeling was maar daarmee is geen sprake van gewijzigde inzichten m.b.t. de waarde van dood hout’’.

Ik zou ten eerste van hem willen weten waarom er überhaupt dode bomen weggehaald moeten worden. Want dat is, zo schrijft hij, ’eigenlijk de bedoeling’. Maar om dát te weten te komen dient er opnieuw een brief geschreven te worden aan de wethouder, de heer Udo Kock van D66 in Amsterdam. Hij zal hem vermoedelijk ter beantwoording weer doorsturen naar de dienstdoende plaatselijke chef, casu quo Hoofd Bronnen- en Natuurbeheer, dezelfde heer E.F.H.M. Cousin.

En wat verstaat de laatste onder ‘’iets meer bomen weggehaald’’?Ietsje? Alle in december 2010 geringde en nadien afgestorven prunussen werden in de afgelopen herfst door Waternet omgezaagd. Ik herhaal: álle bomen. Er is geen sprake van dat er maar ‘’iets meer bomen’’ zijn weggehaald. Cousin lijkt op Gerrit Zalm die een bonus van 100 duizend euro presenteert als ware het een nivellering: dat bedrag is eigenlijk zo weinig, och het stelt niets voor! En voor Cousin staat álles weghalen gelijk aan ietsje meer weghalen.

Als een gemeenteambtenaar iets vrooms te berde brengt over de ‘’ecologische waarden van staand en liggend dood hout’’ en intussen een prachtig dode bomen-bos dat tot in de verre omtrek nergens te vinden is zonder pardon omhaalt, wees dan op je hoede.

Ik hoop maar dat ze die honderden ten onrechte omgehaalde dode prunusbomen, -die nu dienst doen als ’liggend dood hout’-, niet alsnog het bos uitslepen. Je bent geneigd dat te geloven, daar waar Hoofd Natuurbeheer in zijn brief immers schrijft over ‘weggehaald’ . Gaat dat soms nog gebeuren? Ook dat moet weer via de wethouder, vrees ik.

Nu over de  stuk of zes eiken, die ooit door Waternet in dit bos werden geringd. Waarschijnlijk gebeurde dat in de tijd dat er nog subsidie werd gegeven aan terreineigenaren die mee wilden werken om de staande dode hout-massa van het biologisch armtierig Nederlandse bosbestand te vergroten. Op de foto zie je ook eiken, wat smallere exemplaren, maar die zijn uit zichzelf doodgegaan, als gevolg van zelfdunning van het bos. Al die eiken mochten blijven staan!

DSC_0211 AWd 4 4 15 eens geringde eiken door waternet nabij ruiter[ad
Op de voorgrond de dode eik, destijds geringd door Waternet -ha! gierige vrekken, misschien uitsluitend voor de subsidiecenten!- De dode stam staat nog steeds fier overeind. Spechten blij, vogelaar gelukkig. Meer naar achteren nog een ‘spontaan’ dode eikestam.
Vanwaar de behoedzaamheid de geringde eiken wél te laten staan, terwijl de vele geringde prunussen moesten worden omgezaagd? Dit lijkt een groot raadsel; alleen de arme prunusstammen de klos laten zijn.

Is het soms een consequentie van de onheilspellende woorden die de heer André Immerzeel, ook een soort chef, in het Haarlems Dagblad van 11 maart 2011 uitsprak:
‘’Het oog wil ook wat. Een bos van geringde bomen ziet er niet uit. Recreatie is ook belangrijk in het duingebied.’’

Had Immerzeel geen besef van de status als Habitat Richtlijngebied, waar prioritaire (!) eisen wordt gesteld aan de biologisch rijkdom van de afzonderlijke habitats zoals het duinbos? Diepe schande hoor, vorige wethouder Gehrels! Lette toch op je personeel! En stond niet  in Struinen in de toekomst, een vorige beheersvisie, dat ‘recreatiebeheer ondergeschikt is aan het natuurbeheer’?

Dat dit bos door het grote aantal staande dode bomen vrij uniek is in het overigens kale Nederlandse productiebosareaal, dat kan ook al niet tot hem zijn doorgedrongen. Als dode bomenreservaat stond het bos heus wel zijn mannetje. Maar een ander mannetje staat het echte mannetje in de weg. En natuurvoorlichting hierover geven, mijnheer Immerzeel? Dacht u daar aan? Ho maar, te veel gevraagd.

Natuur bewaren is helemaal niets voor een industriële waterproducent. Die past zich liever aan aan de smaak van het publiek voor wie elke dode stam dor hout is, rijp voor de kap. En het zou me niet verbazen dat iemand die geen cursus natuurbeheer heeft gevolgd (Immerzeel is van de sociale academie afkomstig) er zo over denkt: brandhout. In plaats van spechtenbomen.

Dan een foto van een recent omgezaagde levende prunusboom. Die werd zo te zien in mootjes gehakt en meegenomen voor de kachel thuis; er is geen spoor van de boom te bekennen. Wederom een bewijs dat de uitroep door de AWD-beheerders: ‘’streven naar staand of liggend dood hout’’, weinig anders voorstelt dan volksverlakkende propagandapraat.

DSC_0185 AWD 4 4 15
Foto genomen aan de dienstweg, tussen ingang Oase en ingang Zandvoorstelaan. Omdat klaarblijkelijk een spechtenboom niet op prijs wordt gesteld in een natuurreservaat, mocht deze prunusboom -die nog wel in leven was- niet worden geringd, hij moest direct óm. In mootjes gezaagd en afgevoerd naar huis, voor de kachel. Per abuis behandelt Waternet het natuurreservaat als een productiebos

 

Tot slot graag uw bijzondere aandacht voor het verschil tussen de situatie van de  grootste overpopulatie Damherten ter wereld en die van een  situatie zonder al te veel spoorzoekende herten zoals in het natuurlijke bos het geval is.
Met de totstandkoming van een communistisch aandoend  IJzeren Gordijn van 12 km lengte (de linksige gemeente Amsterdam die dit toestond echter niet onwaardig), getrokken langs de grenzen van beschermd natuurmonument  ‘’de duinen bij Vogelenzang’’, -waarvan drie km dwars door het beschermd natuurmonument zélf- ging een paar jaar geleden een vurige wens van de stedelijke dierenbeschermers in vervulling.

DSC_0193 AWD 4 4 15
Links is het Naaldenveld, rechts de Awd. Links weinig of geen Damherten, rechts volop Bambie. Links Speenkruid, rechts een kaal zooitje. Door de hertenkaalvraat komen kruiden niet meer tot ontwikkeling. Zowel links als rechts is onderdeel van hetzelfde beschermd natuurmonument.

Zo leren we de diersentimentalisten kennen als bewezen tegenstanders van de natuurbescherming. Een Partij voor de Planten als tegenhanger van de Partij voor de Dieren is nog niet van de grond gekomen en voorlopig zitten we dus met de gebakken peren.

Het wel of niet beheren is het verschil tussen een groene bosbodem van voorjaarsplanten en een kaalgegraasd -en op de hellingen vaak volkomen- kaalgetrapte bosbodem.

DSC_0203 AWD 4 4 15
Het is op deze foto’s misschien niet zó heel duidelijk te zien, maar de bodem van de helling is door het vele hoefgetrappel omgewoeld, dat zelfs geen blaadje te zien is. Plaatselijk kan de invloed van dieren groot en natuurlijk zijn, evenwel wordt een steeds groter deel van het duinbos onder de voet gelopen, en dat is niet natuurlijk meer te noemen.

DSC_0147 AWD 4 4 15 nabij raster

Het is het verschil van een door dierenliefde hysterisch geworden gemeenteraad die door een historisch ongelukkige samenloop van omstandigheden de zeggenschap heeft verworven over een wettelijk beschermd natuurgebied en een onafhankelijk van de politiek opererend instituut waar opgeleide natuurbeheerders vakmatig een zeker ecologische evenwicht willen bewaren.

De tere Bambiegevoelens vieren thans hoogtij. De Teddybeer op vier pootjes hoort van nature thuis in de speelgoedwinkel, maar mag in een Natura 2000-gebied zomaar de toeristische hoofdrol spelen.

Naar verwachting zal in de nabije toekomst een miljoen extra Chinese vakantiegangers Europa een bezoek brengen.
Onze AW duinen zijn er in ieder geval ruimschoots op voorbereid. Made in Mokum. Komt goed uit. Ook bij Chinezen is aaibaarheid de norm; de Pandabeer is daar de enige beschermde soort.
K. Piël

Ps 1.  Gisteren zag ik voor het eerst dit jaar de ontluikende blaadjes van de Amerikaanse vogelkers. Ziehier de foto die ik nam met een splinternieuwe  Nikon 1 J 3:

DSC_0169 AWD 4 4 15 eerste blad serotina dit jaar, nabij raster naaldenveld
Onder de ring loopt deze prunusstruik al uit. Er lopen nu zoveel damherten rond, dat het opschot van uitlopers niet meer hoeft te worden weggehaald. Deed je dat voorheen niet zelf, dan groeide er zo weer een nieuwe struik. Maar dat ‘ontloten’ neemt Bambie tegenwoordig helemaal voor zijn rekening.

 

Ps 2.  Heeft Bambie soms besef wat ie de duinen aandoet, en pleegt het dier uit wroeging soms ook een goed werkje, als tegenprestatie zogezegd, zoals hierboven, zie het onderschrift? Voor de rest is het een en al ellende, niet alleen de kruiden moeten het ontgelden, ook van de struiklaag laat het invasieve Damhert geen spaan heel:

DSC_0204
De inheemse Vogelkers loopt een paar weken eerder uit dan zijn Noord-Amerikaanse pestneef. Aan deze omgevallen inheemse struik neem je de kaalvraat aan de onderkant waar. Die onderste takken sterven af, ze verteren, verdwijnen; de Nachtegaal vindt geen dekking en vertrekt voorgoed; de vogelaar ligt van verdriet snachts hardop te janken in zijn bed, de buurvrouw hoort hem aan. Dank u wel dierenvrienden!