Ook de Vlierstruwelen zijn naar de knoppen, Amsterdam!

 

 

 

In de lijzijde van de Zeereep bevond zich een unieke plantengemeenschap van rijke mosgroei op de Vlieren
In de lijzijde van de Zeereep bevond zich een unieke plantengemeenschap van rijke mosgroei op Vlieren. De  skeletten zijn het resultaat van jaren wanbeheer door  de Amsterdamse gemeenteraad. Ook de bloeiende Vlieren op de voorgrond gaan eraan; de jacht op de Damherten zal  namelijk nog jaren op zich laten wachten.

 

Meer dan drieduizend Damherten zijn bezig de Amsterdamse Waterleidingduinen tot op de bodem kaal te vreten. Ieder weldenkend mens zou zeggen; doe er iets aan! kom uit je luie pluchen zetel!
Nee, Amsterdamse raadsleden zijn niet bereid er ook maar iets aan te doen.

Alle energie wordt gestoken in politieke debatten, in ‘zorgvuldige’ afwegingskaders, in het dierenleed dat voorkomen moet worden.
Iedereen kent dat eindeloos politiek zeveren om de hete brei heen, om maar geen lieve aaibare dieren te hoeven doden.

De linkse politieke partijen in Mokum hebben allang partij gekozen tégen de intens gemene plezierjager, die rotschoft en baarlijke duivel in dat groene jasje, die zijn eigen vlees wil oogsten, die weigert zoals een fatsoenlijk burger betaamt een slagerij van binnen te zien; ze hebben allang partij gekozen vóór de zielig ogende, diep en diep droevige bambie.

Van verantwoord natuurbeheer hebben de raadsleden geen kaas gegeten. Ze zijn niet op de hoogte van de door de Nbwet vereiste ‘gunstige staat van instandhouding’, die voor dit Natura 2000-reservaat vigerend is. Of ze zijn wél op de hoogte, maar het interesseert ze gewoon niet.

Toch komt wethouder Udo Kock (‘n D66-er) een beetje in beweging. Hij moet wel. Onder druk van natuurbeheerders in de omgeving en van de provincie, die de handhavende instantie is, stuurt hij voorzichtig aan op beheerjacht. Maar tijdens de 580ste keer die de raadscommissie onlangs –op 25 juni- aan het onderwerp wijdde, wezen de partijen elk afschotplan af, opnieuw.
De D66-woordvoeder vond dat de herten, ingeladen in vrachtwagens, maar op transport moesten worden gesteld naar de jachtvelden van Roemenië. Hier, bij ons in de Waterleidingduinen, mag geen bambiebloed aan onze handen gaan kleven!! Nimby in de Stopera.

Alleen VVD en CDA kozen de kant van het onvervalst natuurbeheer, zij willen de jagers ruim baan geven. De linkse kerk, die zijn mond altijd vol heeft van natuur- en milieubeleid, valt hard door de mand.

In het laatste gemeentedocument, van 27 mei 2015, ‘’Damherten in de Amsterdamse Waterleidingduinen, een overzicht’’, komt het college hoe dan ook  met een rake opsomming van de enorme schade die de overpopulatie Damherten inmiddels hebben aangericht. Aan de kruidenrijke duingraslanden. Aan de duinbossen waardoor de struiklaag van inheemse Vogelkers en de Lijsterbes  vrijwel ontbreekt, wat een negatief effect heeft op de broedvogels. Aan vrijwel alle zeldzame plantensoorten. Ook al aan de algemeen voorkomende bloemplanten, die echter cruciaal zijn als waard- of nectarplant voor tal van insectensoorten. De vlinders Oranjetip, Gehakkelde aurelia en Landkaartje zijn sterk achteruitgegaan of zelfs verdwenen…

De ecologische kaalslag wordt door de natuurbeheerder Waternet en door de wethouder ruimschoots erkend en ook consequent voor het voetlicht gebracht in dit jongste gemeentedocument. De onderzoeken die de schade aantonen waren dan ook onloochenbaar en onmiskenbaar.

Helaas ontbreekt er een verwijzing naar een onderzoeksrapport dat nog geschreven moet worden, een onderzoek dat officieel ook nog moet worden verricht.

Het betreft de kaalslag onder de Vlierstruwelen die zich pal achter de eerste duinenrij bevindt, in de lijzijde van Nederlands eerste hoge duinrichel. De floristen steken de loftrompet over deze vegetatievorm. In de Nederlandse Oecologische Flora, deel 3, lezen we op bladzijde 266:
“Hoe speelt Vlier het klaar om als enige hogere houtgewas zo vlak aan Zee een kreupelbos te vormen’’? […]
’’Net als in een echt oerbos moet de botanische rijkdom en verscheidenheid in deze Vlierbosjes op stammetjes en zware zijtakken worden gezocht. Een groep van enkele tientallen Vlieren kan, als ze een aansluitend kreupelbos vormen, al gauw zo’n twintig verschillende epifieten herbergen.’’

De Oecologische Flora gaat uitgebreid in op die soorten mossen , over het Boomsnavelmos, en op de Gekroesde haarmuts die in de kuststreek strikt aan Vlier gebonden is.

Zeer te spreken waren ook de schrijvers van het boekwerk ‘Hieroglyfen van het Zand’, uit 1999, geschreven door Mark van Til en Joop Mourik, beide ecologen en werkzaam in de AWD (de laatste auteur is thans met pensioen).

Zij schreven, blz. 112:
’’[…] het Vlierstruweel met Fijne kervel en Winterpostelein geniet grote bekendheid bij mossenliefhebbers. De bast van stakige takken is rijkelijk begroeid met allerlei blad- en korstmossen, waarvan sommige elders in Nederland zeldzaam zijn of zelfs ontbreken. Je kunt er bijvoorbeeld Boomvorkje, Vliermos, Broedkorrelkroesmos, Gewoon zijdemos en Iepemos aantreffen. Makkelijk dan deze mosjes is de algemene Judasoor te herkennen.’’

 

Praat Amsterdam over de ruine die zij aanricht in de natuur? Geen word erover in de laatste beleidsnota.
Kaalslag onder de Vlieren. Het invasieve Damhert sloeg toe, de gemeenteraad van Amsterdam kijkt de andere kant op.  Praat Amsterdam over de ruine die zij aanricht in de natuur? Geen woord erover in de laatste beleidsnota.

Helaas, van die ‘’tientallen Vieren’’, die een aansluitend struweel vormden zodat aan de bestaansvoorwaarden van die interessante mossenflora werd voldaan, is thans geen spaan heel gebleven. De foto’s spreken boekdelen. Het unieke struweel is naar mijn schatting voor 70 procent aangetast, afstervend of al dood.
En dit aaneengesloten kreupelhout is te gronde gericht door de vele Damherten, door hun schillen van de bast waardoor de Vlierstruik afsterft, of door vertrapping van de jonge Vlieren.

De laatste jaren heb ik de politieke grachtengordeldieren vele uren aaneen horen praten over de problematiek van het Damhert. Nimmer sprak men zijn of haar bezorgdheid uit over de instandhouding van de biodiversiteit of over de hertenschade in de AWD, eens één van de rijkste natuurgebieden van ons land.

De domme eenzijdige locale politieke kletspraat bleef beperkt tot de kommer en kwel van het dierenleed, het alsjeblieft zo zorgvuldig mogelijk wegvangen als-het-niet-anders-kan, het dier mag zeker ook niet het slachtoffer worden van een onverdiend verdienmodel, enzovoort. Waarna de vergaderpauze aanbrak en het raadslid gretig de runderkroket en de bitterbal naar binnen werkte. kp

 

 

 

 

 

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

De volgende HTML-tags en -attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>